
Een PvdA-minister van integratie die over de immigratie begint, dat mag een doorbraakje heten.
DENHAAG-Eberhard van der laan, sinds een half jaar minister van Wonen, Wijken en Integratie, heeft de afgelopen dagen in de media duidelijk gemaakt dat hij eigenlijk de verkeerde portefeuille heeft. Eigenlijk zou Van der Laan minister van Wonen, Wijken en Immigratie moeten zijn.
KansarmWeliswaar zegt de opvolger van Ella Vogelaar dit niet met zoveel woorden, maar de uitspraken die hij deed in onder meer dagblad De Telegraaf zijn verder duidelijk genoeg.
In de ogen van Van der Laan is alle integratiebeleid min of meer vergeefs, zolang er niet iets wordt gedaan aan de voortgaande instroom van nieuwe kansarme immigranten, bijvoorbeeld via huwelijksmigratie.
Hij zei het omfloerst, enigszins op partijpolitieke eieren lopend: ‘Mijn insteek is: verliezen we die investering van inburgering niet als er zoveel laagopgeleide nieuwkomers bijkomen? (…) Deze voortdurende immigratie gaat onze spankracht te boven.’
IllusieAnders gezegd: er komen te veel kansarme immigranten binnen om met integratiebeleid aan te kunnen. Nog duidelijker gezegd: integratiebeleid is een peperdure maakbaarheidsillusie als het niet gepaard gaat met een streng immigratiebeleid.
Van der Laan is niet de eerste PvdA-er die over immigratie begint. Sterker nog, een kleine 20 jaar geleden liet PvdA-minister Ien Dales zich, weliswaar in kleine kring, al eens ontvallen dat je ‘geen soep kan maken, als iemand steeds water in de pan gooit’.
OppikkenMaar echt opgeschoten is de discussie in de partij sindsdien niet. Het recente integratiedebate binnen de partij ging ook weer over integratie – niet over de immigratie. Hoewel de recente immigratiecijfers daar toch alle aanleiding toe geven.
Goed daarom, dat Van der Laan zijn nek uitsteekt. Hopelijk heeft de rest van zijn partij, staatssecretaris Nebahat Albayrak voorop, het lef om het op te pikken. Want als de regeringspartijen niet over de immigratie beginnen, doet Geert Wilders het wel.
KansarmWeliswaar zegt de opvolger van Ella Vogelaar dit niet met zoveel woorden, maar de uitspraken die hij deed in onder meer dagblad De Telegraaf zijn verder duidelijk genoeg.
In de ogen van Van der Laan is alle integratiebeleid min of meer vergeefs, zolang er niet iets wordt gedaan aan de voortgaande instroom van nieuwe kansarme immigranten, bijvoorbeeld via huwelijksmigratie.
Hij zei het omfloerst, enigszins op partijpolitieke eieren lopend: ‘Mijn insteek is: verliezen we die investering van inburgering niet als er zoveel laagopgeleide nieuwkomers bijkomen? (…) Deze voortdurende immigratie gaat onze spankracht te boven.’
IllusieAnders gezegd: er komen te veel kansarme immigranten binnen om met integratiebeleid aan te kunnen. Nog duidelijker gezegd: integratiebeleid is een peperdure maakbaarheidsillusie als het niet gepaard gaat met een streng immigratiebeleid.
Van der Laan is niet de eerste PvdA-er die over immigratie begint. Sterker nog, een kleine 20 jaar geleden liet PvdA-minister Ien Dales zich, weliswaar in kleine kring, al eens ontvallen dat je ‘geen soep kan maken, als iemand steeds water in de pan gooit’.
OppikkenMaar echt opgeschoten is de discussie in de partij sindsdien niet. Het recente integratiedebate binnen de partij ging ook weer over integratie – niet over de immigratie. Hoewel de recente immigratiecijfers daar toch alle aanleiding toe geven.
Goed daarom, dat Van der Laan zijn nek uitsteekt. Hopelijk heeft de rest van zijn partij, staatssecretaris Nebahat Albayrak voorop, het lef om het op te pikken. Want als de regeringspartijen niet over de immigratie beginnen, doet Geert Wilders het wel.
Elsevier-Door Gertjan van Schoonhoven
Sem comentários:
Enviar um comentário
Comentar com elegância e com respeito para o próximo.